Onderzoek Bureau Buitenhek: ‘Kostenraming minister te optimistisch’

10 mei 2017

Onderzoek Bureau Buitenhek: ‘Kostenraming minister te optimistisch’

De Brancheorganisatie Kinderopvang heeft een interview gehouden met Ed Buitenhek. Hierin licht hij de resultaten van het onderzoek van Bureau Buitenhek toe. Het volledige onderzoeksrapport is onder dit interview te bekijken.





Wat zijn de belangrijkste conclusies uit jouw onderzoek?
De belangrijkste conclusie uit het onderzoek is dat de kostenramingen van de minister voor het wetsvoorstel Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK) te optimistisch zijn en in de praktijk niet gehaald zullen worden. Dat geldt zowel voor de raming van de extra personele inzet voor de dagopvang als voor de besparingen op de personele inzet in de buitenschoolse opvang. Verder laat het onderzoek zien dat met name voor de kleinschalige opvang in het buitengebied de kosteneffecten van IKK veel groter zijn dan voor de grootschaliger kinderopvang locaties in stedelijke gebieden. Het effect van de gebrekkige raming is dat - na de lastenverlichting van de afgelopen 2 jaar – voor veel jonge werkende ouders volgend jaar opnieuw een substantiële kostenstijging dreigt. Uit het onderzoek blijkt dat met name gezinnen met lage inkomens en gezinnen in de buitengebieden dat risico lopen.


Welke oplossingen zie je voor de branche?
De minister heeft in de toelichting bij het Ontwerpbesluit IKK al aangegeven dat hij de kosteneffecten voor ouders wil minimaliseren. Ook de Tweede Kamer heeft bij de behandeling van het wetsvoorstel in ruime meerderheid een motie aangenomen (nr. 13, van ’t Wout c.s.) om de kosteneffecten voor bedrijven en ouders duidelijk inzichtelijk te maken. Blijkbaar worden de zorgen daarover breed gedragen. Het onderzoek geeft uitvoering aan die motie en daaruit blijkt dat de kosteneffecten voor ondernemers en ouders in de praktijk aanzienlijk groter zijn dan de theorieramingen op macroniveau die nu worden gebruikt. Er is dus zowel bij het huidige kabinet als bij de nieuwe Tweede Kamer een breed politiek draagvlak om eventuele knelpunten op te lossen. Op basis van de gemiddelde onderzoeksresultaten kan je simpel redeneren dat meer budget (structureel € 80 mln. per jaar extra) in de vorm van een grotere opslag voor het maximumuurtarief van de dagopvang en een lagere korting voor het BSO tarief – de knelpunten oplost. Dat lost echter niet de enorme verschillen in kosteneffecten tussen ondernemers en hun klanten op die blijkt uit de onderzoeksresultaten. Een structurele oplossing zie ik meer in een combinatie van minder gedetailleerde regelgeving, een bredere praktijktoets van het Ontwerpbesluit en specifieke aandacht voor de kosteneffecten van IKK op kleinschalige opvang.

Welke stappen moet de Kamer volgens jou zetten om ervoor te zorgen dat deze sector kan blijven bieden wat goed is voor kinderen en ouders?
Ik denk dat deze onderzoeksresultaten aanleiding geven voor aanvullend onderzoek naar de bedrijfseffecten en de gevolgen voor ouders van het Ontwerpbesluit IKK. De Kamer heeft de noodzaak daarvan al aangegeven in een motie (van ’t Wout c.s.) en dat ontbreekt nog in dit dossier.

Wat vind je van de timing van de invoering van de wet?
Ik heb daar niet zo’n mening over. Er ligt een convenant dat alle belanghebbenden hebben onderschreven dus blijkbaar vinden ouders, ondernemers, vakbonden en overheden dat het nu een goed moment is voor ingrijpende maatregelen. Wel zou het hebben geholpen als er eerder – gedurende de ontwerpfase van de regeling - tijd was ingeruimd voor het toetsen van de effecten in de praktijk. 

Heb jij onderzoek gedaan naar de werkgelegenheid in de sector? Ik vraag dit omdat één van de eisen is het aanwezig zijn van een pedagogische coach. De indruk nu is dat het niet eenvoudig is om nieuwe medewerkers te vinden voor de sector. Hoe realistisch is deze vraag die is verankerd in de wet?
Dat is niet meegenomen in dit onderzoek dus daar heb ik geen oordeel over.

Als jij zelf nog saillante opmerkingen hebt, (onderzoeks) statements...
In de onderzoeksrapportage zijn citaten opgenomen van verschillende (klein/groot, profit/not-for-profit) die de knelpunten in de praktijk van alledag helder weergeven. Die citaten gaan onder andere over de complexiteit en gedetailleerdheid van de IKK regeling waardoor er te weinig ruimte overblijft om knelpunten op te lossen.

Lees hier het hele onderzoek van Bureau Buitenhek.