Staatsecretaris Van Ark over het kinderopvangstelsel

09 juli 2020

Staatsecretaris Van Ark over het kinderopvangstelsel
#BKnieuws

In een uitgebreide kamerbrief (6 juli 2020) geeft vertrekkend staatssecretaris Van Ark haar reflectie op het huidige stelsel van de kinderopvang. Zij wil daarin haar visie geven op zowel de verworvenheden als de knelpunten van dit stelsel. Ook richt zij haar blik op de mogelijkheden voor de toekomst.

Hoge kwaliteit
De kinderopvang heeft de laatste decennia een enorme ontwikkeling doorgemaakt. De arbeidsmarktparticipatie van met name vrouwen met jonge kinderen is toegenomen. De tegemoetkoming die werkende ouders krijgen voor de kinderopvang heeft hierin een belangrijke rol gespeeld.

De sector is geprofessionaliseerd en behoort inmiddels tot de internationale top. Het bereik met zo’n 900.000 kinderen is hoog, zeker van kinderen in de peuterleeftijd. In de Coronatijd heeft de kinderopvang zich uiterst wendbaar en flexibel getoond.

De kinderopvang als marktsector heeft positieve kanten. Kinderopvang is flexibel, klantgericht en innovatief. De basis van het stelsel werkt goed, volgens de staatssecretaris, en zou dus ook behouden moeten blijven. De kwaliteit is goed en ouders zijn tevreden.

Visie op (effecten van) een stelselwijziging
Van Ark geeft in de brief op een aantal punten haar visie weer als er sprake zou zijn van (grote) veranderingen in het stelsel. Dat doet zij door de huidige situatie te schetsen en op basis daarvan een uitspraak te doen over effecten van een stelselwijziging of mogelijkheden om stappen ter verbetering te zetten.

Zo is de staatssecretaris van mening dat het effect van een grote stelselwijziging op arbeidsparticipatie niet te voorspellen is of het gevaar bestaat dat de kwaliteitswinst wellicht verloren zou kunnen gaan. Van Ark vindt wel dat er nog winst te behalen is op de educatieve kwaliteit van de opvang (met name in de BSO). Ook zou de perceptie van ouders die nu (nog) geen gebruik maken van opvang beter moeten, door nadruk te leggen op de meerwaarde die de kinderopvang kan hebben voor de ontwikkeling van het kind.

Over de samenwerking tussen kinderopvang en onderwijs zegt van Ark dat er op dit moment nog weinig bekend is over de effecten van vergaande samenwerking of integratie. Een goede overdracht is positief. Verdergaande samenwerking moet altijd bezien worden in het licht van de meerwaarde voor kinderen en voor ouders.

Financiering belangrijkste aandachtspunt
Uit de brief van Van Ark komt naar voren dat het kinderopvangstelsel ook een aantal kwetsbaarheden laat zien en dat de financiering daarvan één van de belangrijkste is. Het toeslagsysteem is ingewikkeld en inflexibel. Dit heeft gevolgen voor de toegankelijkheid van de kinderopvang. Dat moet eenvoudiger.

De sector is ook conjunctuurgevoelig. Kinderopvang heeft echter een publieke functie. In een hybride stelsel van kinderopvang is continuïteit belangrijk. Die continuïteit wordt lastig wanneer conjunctuur en overheidsingrijpen invloed hebben op het gebruik en de kwaliteit van de kinderopvang. De kinderopvang moet toegankelijk blijven voor alle groepen. Een stabiel overheidsbeleid is van belang voor het goed functioneren van het stelsel.

In de brief van Van Ark wordt verwezen naar de tussenrapportage Scenariostudie Vormgeving Kindvoorzieningen en naar de evaluatie van de wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk. Hieraan besteden wij aandacht in aparte berichten.