Geen voorrang voor kinderopvang – Wat doen we als branche in reactie hierop?

15 september 2020

Geen voorrang voor kinderopvang – Wat doen we als branche in reactie hierop?

Het nieuws van afgelopen vrijdag dat de kinderopvang geen voorrang krijgt, viel zwaar bij veel kinderopvangorganisaties. Begrijpelijk, want het water staat aan de lippen en het kabinetsbesluit valt niet uit te leggen. We ontvangen veel berichten van leden die gefrustreerd en boos zijn. Die geluiden nemen we heel serieus en nemen we mee in onze lobby, we trekken hierin weer gezamenlijk op met de drie  branchepartijen BK, BMK en BOinK.

We blijven inzetten op ruimte en versoepeling op verschillende fronten. In dit bericht geven we een kort overzicht van onze huidige inzet richting Kamerleden, SZW, GGD-GHOR, commerciële testmogelijkheden etc. zodat jullie weten waar we doorlopend aan werken en waar jullie binnenkort meer over te horen krijgen.

Kamerbrief VWS licht besluit toe
Vrijdag 11 september lieten we weten dat dat kabinet heeft besloten dat niet de kinderopvang medewerkers, maar wel zorgpersoneel en onderwijspersoneel voorrang krijgen bij covid-19 testen.  In de Kamerbrief van 11 september wordt deze keuze uitgelegd door minister De Jonge.

Kamerbrief VWS 11 september 2020: 'Naast zorgmedewerkers kunnen ook leraren met Covid-gerelateerde klachten de komende tijd met voorrang getest worden. Het gaat hier specifiek om onderwijspersoneel in het basisonderwijs, speciaal (basis)onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs. Voorrang is alleen aan de orde voor personen die nodig zijn om te voorkomen dat leerlingen geen onderwijs krijgen. Deze keuze maak ik vanwege de maatschappelijke impact die het heeft als leerlingen niet naar school kunnen, terwijl alle kinderen verplicht zijn om onderwijs te volgen (leerplicht). Daarnaast heeft het naar huis sturen van klassen niet alleen gevolgen voor de ontwikkeling van de leerlingen in de leerplichtige leeftijd, maar ook voor de ouders die daardoor niet naar hun werk kunnen. Hoewel dit ook geldt voor kinderen die naar de kinderopvang gaan is er voor gekozen om de pedagogisch medewerkers niet toe te voegen aan het testbeleid. Dat heeft te maken met het niet-verplichte karakter van de kinderopvang, ten opzichte van de leerplicht van de leerlingen in het onderwijs en de grotere groepsgrootte van het onderwijs ten opzichte van de kinderopvang, waardoor bij uitval van personeel meer kinderen naar huis worden gestuurd. De reden om tot een voorrangsbeleid over te gaan is de schaarste aan testcapaciteit. Daarmee is het voorrangsbeleid een tijdelijke maatregel, omdat ik er hard aan werk om te zorgen dat iedereen weer snel getest kan worden.' (...)

'Ik begrijp uiteraard dat het ook bij andere beroepsgroepen dan zorgmedewerkers en onderwijspersoneel vervelende maatschappelijke gevolgen heeft dat de wachttijden oplopen. De maatschappelijke impact van uitval van zorg en onderwijs weegt voor mij zwaarder en bovendien vergt het inregelen van voorrang voor deze twee groepen al veel van de GGD en andere partijen. Daarom houd ik het bij deze twee beroepsgroepen en geef ik op dit moment niet meer beroepen voorrang.'

Wat vindt de branche?
Voor de kinderopvang is dit vanzelfsprekend een onbegrijpelijke afweging en keus; immers zonder kinderopvang wordt het ouders met jonge kinderen onmogelijk gemaakt te blijven werken. Hierdoor komen veel ouders en werkgevers in de problemen.

Daarnaast moet kinderopvangpersoneel door dit besluit nu nog langer wachten op een test of de uitslag en stijgt het percentage pedagogisch medewerkers dat niet kan worden ingezet. Hierdoor neemt het risico op het sluiten van groepen in de kinderopvang verder toe. Kortom, de kinderopvang wordt door deze voorrangsregel voor zorg en onderwijs, extra benadeeld.

Tenslotte vergroot dit besluit het risico voor ouders, werkzaam in de zorg of het onderwijs, dat de kinderopvanglocatie van hun kind moet sluiten door gebrek aan personeel. Dan kunnen ouders alsnog niet aan het werk, terwijl dat nu juist de bedoeling van de voorrangsregel was.

Wat doet de branche?
BMK en BK zijn in gesprek met Kamerleden, waaronder Paul van Meenen (D66) die vorige week een motie indiende om de kinderopvang te betrekken bij de verleende voorrang aan onderwijs en zorg. Over die motie wordt donderdag 17 september gestemd door de Tweede Kamer. Daarnaast betrekken we VNO-NCW in onze aanpak omdat het sluiten van groepen in de kinderopvang consequenties heeft die verder reiken dan de kinderopvang; veel werkende ouders en hun werkgevers zullen hierdoor in de problemen komen.

Commerciële testen
Met de uitspraak van minister De Jonge dat de kinderopvang geen aanspraak kan maken op voorrang, rest de branche niets anders dan het zelf beschikbaar stellen van commerciële testen aan kinderopvangondernemers. Op dit moment zijn wij bezig de mogelijkheid hiervan te onderzoeken en we verwachten hier snel duidelijkheid over te kunnen geven.

GGD-GHOR 
Ook in onze meest recente overleggen met zowel SZW als GGD\GHOR, hebben we aangedrongen om de coulance regeling – zoals die gold tijdens de sluiting van de kinderopvang dit voorjaar –   weer in te voeren. Dit is een uiterst traag en daarmee frustrerend proces. We hebben dit ook aangekaart bij de staatssecretaris. Weet dat we non-stop in overleg zijn en blijven met SZW en GGD\GHOR om versoepeling te realiseren.

Regelgeving waar wij ruimte zien voor versoepeling:

  • Aanpassing van de stamgroepregeling
  • Aanpassing met betrekking tot de werkwijze van de GGD en het niet noteren van een overtreding.
  • Een aanpassing van de BKR had niet de voorkeur van alle kinderopvangorganisaties, daarnaast is het minder waarschijnlijk dat deze regel aangepast gaat worden.

Ons advies blijft; treed in overleg met je regionale GGD en de gemeente vooraf en tijdens een inspectie over een overmachtssituatie.

Op 15 september publiceren we het ‘informatiedocument Kinderopvang covid-19’. Dit document voor KOO’s  maakten BMK en BK  in afstemming met SZW en OCW. Het geeft informatie over onderwerpen die binnen de huidige stand van zaken van de coronacrisis relevant zijn voor de kinderopvangsector. Het is gebaseerd op het servicedocument funderend onderwijs – Covid 19 (OCW).

Media-aandacht
Tenslotte, last but not least: onze inspanningen om media-aandacht te genereren op basis van de onrustbarend hoge percentages niet-inzetbare medewerkers (als gevolg van de lange wachttijden voor testen en het testresultaat), is effectief gebleken. De cijfers gaven ons de benodigde onderbouwing voor onze gesprekken met SZW en de politiek, en tevens creëerden we hiermee veel zichtbaarheid voor het enorme probleem waar we als branche tegenaan lopen. De NOS besteedde veel aandacht aan het onderwerp, maar ook op social media ontstond discussie en werd er veel gedeeld. Zie hierover ons bericht van 10 september jl.

Oproep ‘Informeer ons bij sluiting groepen of locaties’
Informeer ons zodra je één of meer groepen moet sluiten. Ook deze cijfers brengen we in kaart en gebruiken we in onze lobby naar de politiek.

Laat ons weten:

  • Het aantal groepen dat je per dag (geef datum) moet sluiten;
  • Het aantal kinderen dat per dag (datum) niet naar de kinderopvang kan.

Dit kan per mail via informatie@kinderopvang.nl

Gerelateerde dossiers Coronavirus