De feiten deel II: definitie en schaal private equity

15 april 2019

De feiten deel II: definitie en schaal private equity

De Brancheorganisatie Kinderopvang hecht aan feiten als het gaat om de sector. Daarom schetsen wij deze weken in een reeks berichten een feitelijk  beeld van de sector. De tweede in deze feitenreeks gaat in op de definitie van private equity en de schaal waarop deze financieringsvorm zich manifesteert in de kinderopvang.

Definitie van Private Equity
Private equity betekent letterlijk privaat vermogen. Het is de benaming voor investeerders die buiten de aandelenbeurs om financieel in bedrijven participeren. Een beursgenoteerd bedrijf kan extra aandelen uitgeven op de beurs als het geld nodig heeft, een niet-beursgenoteerd bedrijf kan dat niet. Als een dergelijk bedrijf geldmiddelen nodig heeft kan het deze ophalen bij een bank of bij private investeerders.

Private equity in de kinderopvang wordt vaak geassocieerd met investeringsfondsen. Onder de ruimere definitie van private equity valt echter ook het vermogen dat private aanbieders in de eigen onderneming investeren. Bijna de helft (45%) van de ruim 3.500 kinderopvangaanbieders heeft als rechtsvorm eenmanszaak, VOF of maatschap. In het rapport Kinderopvang in Kaart (CPB, 2011) wordt geen verband aangetoond tussen kwaliteit en winstoogmerk van de houder.

“Op basis van meerdere analyses van de inspectieresultaten hebben wij niet kunnen vaststellen dat for-profits meer overtredingen laten zien op de wettelijke kwaliteitseisen rond personele inzet . Ook hebben we niet kunnen vaststellen dat for-profits minder scoren op klanttevredenheid,” aldus onderzoek van Bureau Buitenhek in 2016.

Schaal private equity in de kinderopvang
Het aandeel van private equity fondsen (investeringsfondsen) is minder dan 10% van de kinderopvangmarkt. Iedere kinderopvangaanbieder is geregistreerd in het landelijk register kinderopvang. In dat register is per opvanglocatie vastgelegd welke aanbieder (houder) verantwoordelijk is voor de exploitatie, welke rechtsvorm die exploitant heeft en hoeveel opvangcapaciteit er beschikbaar is. Zodoende is dit percentage vast te stellen.

Gezamenlijk - inclusief dochtermaatschappijen - hebben zij bij elkaar een marktaandeel van minder dan 10% van de in Nederland geregistreerde opvangcapaciteit: minder dan 58.000 kindplaatsen dagopvang en BSO van de in totaal 583.000 geregistreerde kindplaatsen per 5 april 2019 (Landelijk Register Kinderopvang).

Gerelateerde dossiers Ondernemerschap